Algemeen
Welkom
Seksuologisch nieuws
Publicaties
Links
Forum
Agenda


Vereniging VVS vzw
Doel en missie
Leden & bestuur
Lid worden

Doorverwijsgids Carta

Zoek een VVS seksuoloog

Ledeninfo
Login voor leden

Divers
Zoeken op deze site
Disclaimer & copyrights
Contact

Voorlichting vaak te eentonig


Er vallen gaten in het veldwerk van mensen die aan relationele en seksuele vorming doen. Jongeren vragen nochtans zelf om die expertise.


Wat vroeger voorlichting werd genoemd, wordt nu onder de term 'relationele en seksuele opvoeding' (RSV) gevat. Er wordt meer aandacht aan besteed dan vroeger, maar toch vinden jongeren de RSV die ze op school krijgen te eentonig. Dat concludeert Telidja Klaï van het expertisecentrum Sensoa uit een reeks diepte-interviews met jongeren.

,,Als je hun vraagt wat ze op school te horen krijgen, stippen ze altijd weer de lessen over 'veilig vrijen' aan, zeg maar de technische aspecten. Die boodschap wordt vaak herhaald, waardoor hij gaat vervelen. Het zou meer over relatievorming moeten gaan: hoe vraag je het aan en hoe maak je het uit, wat als je problemen hebt met je vriend, etcetera?''

,,Jongeren willen ook graag hun mening kwijt. Ze willen over dit thema in gesprek gaan. Interactieve lesvormen zijn dus aangewezen.''

Klaï bevroeg de jongeren in brede zin: met wie communiceren ze over seks en relaties en waarover hebben ze het dan? De conclusies vallen mee. ,,Jongeren verwachten deze vorming van iedereen in hun omgeving: de school, de ouders, de leeftijdsgenoten, de vrienden. Maar ze zijn er zich goed van bewust dat het om een intiem thema gaat, en ze kiezen hun gesprekspartners dus wel uit. Het moet bijvoorbeeld om een vriend(in) gaan met wie ze een vertrouwensband hebben.''

Ook op school is dat de regel: ,,Jongeren krijgen liever RSV van een externe expert dan van een leerkracht. Het liefst van iemand die jong en hip is, en die ze achteraf niet meer tegen het lijf lopen. Tegenover leerkrachten durven ze niet zoveel prijs te geven, tenzij ze er een goede vertrouwensband mee hebben. Omdat ze bang zijn dat de leerkracht het doorvertelt in de leraarskamer.''

Deze vaststelling brengt de oude polemiek weer boven, over de inbreng van externen in deze kwestie op school. Vroeger waren er in het welzijnswerk zowat 30 veldwerkers actief rond dit thema. Intussen hebben heel wat Centra voor Algemeen Welzijnswerk die werking afgebouwd, zegt Klaï: ,,Van de 27 zijn er nu nog acht op dit terrein actief. Ze leveren uitstekend werk in de scholen. Elders in Vlaanderen dreigen er gaten te vallen.''

,,Gelukkig zijn er nog vzw's als Zindering, de vormingsdienst van de Chiro, en de MJA, de socialistische jongerendienst. Maar we zien ook commerciële initiatieven ontstaan, die hoge prijzen aanrekenen om met RSV langs de scholen te trekken en tegelijk reclame te maken voor verzorgingsproducten. Zoiets kan natuurlijk niet.''

Klaï hoopt dat de Vlaamse overheid er werk van maakt.

Behalve school, vrienden en in het beste geval ook ouders, is er nog een belangrijke informatiebron voor jongeren over seks: het internet. Tegelijk een bron van bezorgdheid voor ouders. Klaï pleit ervoor dat de jongeren ,,leren zwemmen voor je ze in het water gooit''.

,,Ze moeten de gevaren van het internet kennen. Maar anderzijds zijn jongeren ook nieuwsgierig en je kunt als ouders niet voortdurend naast ze blijven staan. Als ze, al dan niet toevallig, porno onder ogen krijgen, zullen ze vast even ondersteboven zijn. Grijp dat aan om uitleg te geven: porno lijkt niet op intieme seks en leidt meestal alleen tot zelfbevrediging. Beter het in zijn context plaatsen dan het kortweg te verbieden.''

Van onze redactrice Veerle Beel
Bron De Standaard 12/02/2007

 

Terug naar overzicht van seksuologisch nieuws